Overweging van Hans Schoorlemmer tijdens de viering op de 15e zondag door het jaar, 14 juli 2024.
Lezingen: Doorlopen, simpelweg en religieus (gedicht van Herman Andriessen )
Marcus 6: 6b-13
Lees of print je de overweging liever als PDF? Die vind je hier.
Hier vind je andere overwegingen (en hier de overwegingen tot april 2023).
Overweging
Het evangelie van vandaag is gewoon het evangelie van deze zondag. Het is net of de Heilige Geest weet, dat veel mensen vlak voor hun vakantie staan. Het is een zendingsverhaal, waarin de reisadviezen centraal staan, die de leerlingen van Jezus meekrijgen. Ze krijgen reisadviezen en macht over onreine geesten, demonen, die ze onderweg tegen komen. Komen wij die ook tegen?
Het valt op hoe weinig bagage en middelen ze mee mogen nemen: geen brood, geen geld in de gordel, geen reistas, alleen een stok... Ze zijn niet verzekerd. Ze zijn afhankelijk van wat en wie ze op hun weg tegen komen. Hoe anders gaan mensen tegenwoordig op reis. Ik ben net terug van een kampeervakantie in Duitsland. Wat we opviel is hoevéél mensen meenemen en hoe de uitrusting en de ruimte die we op de camping innemen, steeds groter wordt. We waren met onze tent behoorlijk in de minderheid. Veel caravans, grote caravans, maar die zijn ook al op hun retour en maken plaats voor de camper die almaar groter wordt. Sommigen zijn bijna zo groot als een bus, tien meter lang, ruim twee meter breed… We zagen er één, waar zelfs een auto in kon. Voor ff shoppen in de stad. Alle risico’s ingedekt, wat kan je nog gebeuren…
En Jezus draagt ze zijn leerlingen, ons, niets mee te nemen... Waarom eigenlijk niet, waarom niet wat zakgeld, wat boterhammen, tenminste een tas. Sandalen trouwens wel, dat ze konden lopen bewegen, verder gaan… Zou die sobere uitrusting niet te maken met de boodschap waarmee de leerlingen op pad worden gestuurd. Als ze bij een huis aankomen kunnen ze alleen zegen: “Hier ben ik”. En misschien: “Vrede voor jou”. En dat is meteen ook de centrale boodschap van Jezus: Het koninkrijk van God is nabij. De nabijheid van Gods koninkrijk, zijn naam Jahweh verkondigen: ik ben er, ik ben voor jou. In alle kwetsbaarheid... En als ze niet ontvangen, schudt dan het stof van je voeten als getuigenis tegen hen. Hoe mooi hoe sterk. Ik heb de neiging om de afwijzing mee te nemen, met het stof verder te sukkelen… Wat mooi als je met vertrouwen kan zeggen en uitleven: Ik ben er, ik ben er voor jou...
Wat de leerlingen wel meekrijgen is de macht over onreine geesten, de demonen. Het zijn oude woorden, die misschien wat vreemd klinken en aan sprookjes doen denken. Maar onreine geesten, demonen zijn geen sprookjesfiguren. Mensen ook vandaag kunnen bezeten zijn door oude stemmen, nare herinneringen, vernederingen. “Aan jou, aan jou hebben we nog nooit wat leuks beleefd!” ( de stem van een moeder tegen haar dochter ). “Onreine Geesten, demonen. Ze tieren welig. privé, maar ook in onze samenleving, in onze wereld…
Hoe mooi is dat vrij zijn, vrij zijn van onreine geesten! Kunnen we zeggen en uitleven: Hier ben ik, ik ben er voor jou… En hebben we wat zalf? Ook dat krijgen de leerlingen mee. Kunnen we de ander, die vast zit wat zachter kan maken, een beetje meer open. Een beetje, een glimlach wat is dat soms veel…
Hoe mooi als je zo je weg kan gaan: doorlopen, simpelweg en religieus. We komen uit bij de eerste lezing, d.w.z. het gedicht, de tekst van Frans Andriessen, die we gekozen hebben. De link met het evangelie is dat het in deze tekst ook over een pelgrimsweg gaat. Over het onderweg zijn en wat je daar tegenkomt. Het gaat over pelgrimeren, maar ook dieper over het leven dat we leiden. Want pelgrimeren is biddend lopen, je levenspad tot de kern teruggebracht. We gaan allemaal onze weg, samen, soms ook alleen… je weg met zijn vóór en zijn ‘tegens’ … soms er een vriend, som ook niet en dan toch besef deze weg is niet alles, niet van deze wereld alleen. De wolken zijn aandrijven, van de dingen de stille kant zien… Ik hoop dat je een regel, een zin in dit gedicht vindt, dat treffend voor jouw levensweg is… En misschien is deze kerk, onze gemeenschap, het gebed, het zingen, de regelmaat van samenzijn, het delen van het brood en de wijn wel je stok…
Ik wil nog verhaal vertellen bij de stok, die ik ooit op weg naar Lourdes gevonden heb in de Pyreneeën. Het is een echte herdersstok van de hazelaar…licht, ijzersterk, onbreekbaar…Ik liep op de GR10 tussen Lourdes en St Jean Pieds de Port, een eenzaam gedeelte. Weides, rotsen… Op die weg kwam ik een hond tegen, een grote dreigende herder. Hij blafte rauw. Ik zag zijn tanden. Wat te doen? Om verder te komen moest ik er langs. Ik kreeg een ingeving… zingen, gewoon zingen en doorlopen, simpelweg en religieus. En ik zong en liep:
Want mijn Herder is Heer, nooit zal er mijn iets ontbreken,
Mijn Herder is Heer, het ontbreek mij aan niet.
Hij leidt mij langs grazige weiden,
Hij geeft rust aan mijn ziel…. ,
En de boze herder zweeg, keek me verbaasd na….
Doorlopen, simpelweg en religieus
(Gedicht van Herman Andriessen, uit ‘Gods eigen manier’)
Moed houden, eenvoudig voortgaan
als je kunt.
En als je niet kunt, niet meer kunt,
wachten;
of uitrusten bij een vriend als die er is.
En als die er niet is,
tóch wachten;
- dan maar alleen -
wachten tot het weer gaat:
straks.
Eenvoudig voortgaan: de weg nemen
zoals die komt
met z’n vóór en z’n tegen;
je oog helder als een lamp
die je lijf verlicht.
Doen wat ter hand is.
Antwoorden geven als die er zijn.
En intussen voelen
de tik van je stok;
niet teveel omzien
- een enkele keer soms
want de weg gaat dwars door je hart –
niet te veel omzien,
en niet te veel ook vooruit.
Eenvoudig voortgaan en weten:
deze weg is niet alles,
en is niet van deze wereld alleen.
De wolken zien aandrijven
uit eeuwige verten
- wie trok er hun grens? -
en je hart voelen kloppen
op de eeuwige heuvels
- wie heeft ze gegrond? -
en van de dingen
de stille kant zien,
waar ze grenzen aan Hem.